InfoNu.nl > Dier en Natuur > Dieren > Zoogdieren: evenhoevigen

Zoogdieren: evenhoevigen

Zoogdieren: evenhoevigen Evenhoevige zoogdieren worden gekenmerkt door het aantal tenen dat ze hebben, en door hun speciale spijsvertering. Verder zijn het grotendeels planteneters die vrij groot zijn. Ze komen over bijna de hele wereld voor. Veel soorten evenhoevigen zijn ook gedomesticeerd en worden voor verschillende doeleinden door mensen gehouden.

Wat zijn evenhoevigen?

Een aantal soorten zoogdieren is voorzien van hoeven. Deze hoefdieren zijn te verdelen in twee ordes: de evenhoevigen en de onevenhoevigen. Kenmerkend voor de evenhoevigen is dat ze aan iedere poot twee of vier tenen hebben. Ook hebben de meeste evenhoevigen een andere manier van voedsel verteren. Alleen voor varkens en pekari’s (een soort zwijnen) geldt dit niet. De rest van de evenhoevigen heeft namelijk een maag met meerdere ruimten. Voedsel dat wordt gegeten komt eerst in de pens terecht. Daar wordt het verteerd, waarna het opnieuw opgehoest wordt en het dier het nog eens herkauwt. Hierdoor kunnen micro-organismen in het spijsverteringskanaal het voedsel makkelijker afbreken. Tot de evenhoevigen behoren herten, runderen, kamelen, lama’s, giraffen, okapi’s, wilde zwijnen, pekari’s, nijlpaarden, schapen, geiten, gazellen en antilopen.

Grootte

Evenhoevigen zijn vrij grote zoogdieren, hoewel er behoorlijke verschillen bestaan tussen de soorten. De grootste evenhoevige is het nijlpaard. Mannetjes kunnen zo’n vier meter lang worden en meer dan drie ton wegen. De stoottanden kunnen een halve meter lang worden. De hoogste dieren zijn echter de giraffen. Zij kunnen bijna zes meter hoog worden en ruim duizend kilo wegen. Gemiddeld zijn ze wat kleiner, mannetjes zijn zo’n 5.30 meter en vrouwtjes 4.30 meter. Een pasgeboren giraffe is ongeveer twee meter hoog. Okapi’s lijken een beetje op giraffen, hoewel ze een stuk kleiner zijn en niet zo’n gevlekte vachttekening hebben. Thomsongazelles bereiken een lichaamslengte van ongeveer een meter en Afrikaanse reuzenelandantilopen drie meter. Halsbandpekari’s worden zo’n 75 tot 100 centimeter en wegen tussen de veertien en dertig kilo. Nog kleiner zijn sommige duikers (een soort antilopen), zoals de blauwe duiker die ongeveer zestig tot zeventig centimeter wordt en maar vier tot zes kilo weegt. Ze behoren daarmee tot een van de kleinere soorten evenhoevigen. Waterbuffels daarentegen kunnen meer dan duizend kilo zwaar worden. Ook mannetjesjaks kunnen duizend kilo zwaar worden, terwijl de vrouwtjes meestal nog geen 350 kilo wegen.

Leefgebied

In de meeste werelddelen zijn evenhoevigen te vinden. In Afrika leven nijlpaarden, giraffen en veel soorten antilopen. Nijlpaarden brengen hun tijd overdag vaak in het water van rivieren en poelen door, ’s nachts komen ze uit het water. Giraffen en antilopen trekken over de savannen. In de woestijnen van Noord-Afrika en in het Midden-Oosten komen kamelen voor. In Zuid-Amerika leven lama’s, alpaca’s en pekari’s, waarvan de laatste ook in Midden-Amerika te vinden zijn. Lama’s en alpaca’s leven in het Andesgebergte. Ook steenbokken leven in de bergen, in Oost-Europa, Noord-Afrika en Azië. ’s Zomers klimmen ze hoger om de hoge temperaturen te vermijden, in de winter zakken ze weer af naar beneden. Muskusossen en Amerikaanse bizons komen voor in Noord-Amerika, waar de bizons op de prairies rondtrekken. In Australië komen van nature geen evenhoevigen voor. Wel zijn er hier waterbuffels en dromedarissen ingevoerd. In grote delen van Azië en Europa zijn in bossen wilde zwijnen te vinden. Herten komen op verschillende continenten voor en leven vooral in bossen en op boomsteppen.

Voedsel

Evenhoevigen eten vooral plantaardig voedsel. Giraffen en herten eten plantendelen zoals bladeren, twijgjes en schors. Vooral acaciabomen hebben de voorkeur van giraffen. Om bij de lekkerste en voedzaamste blaadjes die boven in de boom groeien te komen, is hun lange nek erg handig. Daarnaast hebben ze ook nog een tong van vijftig centimeter, waardoor ze nog hoger kunnen reiken. Mannetjes eten zo’n 66 kilo en vrouwtjes zo’n 58 kilo per dag; hier besteden ze zeker de helft van de dag aan. De lengte van de giraffe maakt drinken echter niet makkelijk. De voorste poten worden uit elkaar gezet, zodat hij voorover kan buigen om bij het water te komen. De Thomsongazelle eet vooral gras en bladeren, de Grantgazelle eet vooral twijgjes, aangevuld met gras. Ook antilopen en nijlpaarden zijn grazers. Wilde zwijnen eten graag wortels, maar ook andere gewassen zoals aardappels, en verder regenwormen, mollen en wat ze nog meer tegenkomen. Ze gebruiken hun afgeplatte neus om in de grond te wroeten.

Leven in groepen

Evenhoevigen als gazellen, antilopen, rendieren, runderen, schapen en geiten leven in kudden. Soms zijn deze zeer groot, bijvoorbeeld in het geval van gazellen. Zij trekken soms over de Afrikaanse savannen met ongeveer een kwart miljoen tegelijk, aangevuld met bijna evenveel zebra’s en zelfs een miljoen gnoes. Ze trekken mee met de seizoenen op zoek naar de plek waar genoeg voedsel is. Het leven in kudden levert de dieren voordeel op. Als het slecht weer is, kunnen ze dicht bij elkaar gaan staan met de jonge dieren in het midden, zodat ze hiertegen beschermd blijven. Daarnaast is het vaak veiliger. Een grote kudde betekent vele oren en ogen die opletten, waardoor roofdieren sneller opgemerkt kunnen worden zodat er gewaarschuwd kan worden. Als een roofdier dan bijvoorbeeld een antilope gegrepen heeft, heeft deze antilope echter niets meer aan de bescherming van de groep. Antilopen proberen voor zichzelf en hun jongen te zorgen, maar dieren die geen familie zijn worden niet geholpen.
Giraffen en nijlpaarden leven niet in zulke grote groepen. Nijlpaarden brengen de dag vaak door met groepen van tien tot vijftien dieren. Giraffen verzamelen zich meestal in kleine groepjes van vijf of zes exemplaren en wisselen regelmatig van samenstelling. Ook bij giraffen vormen deze groepjes een bescherming tegen roofdieren. Wanneer giraffen drinken, zijn ze erg kwetsbaar omdat ze hier veel moeite voor moeten doen en niet makkelijk weg kunnen komen. Als ze gaan drinken, zullen ze dit ook niet allemaal tegelijk doen. Een paar van de giraffen kunnen drinken terwijl andere op wacht staan.

Horens

Veel evenhoevigen zijn voorzien van horens of stoottanden. Zo hebben nijlpaarden stoottanden die tot een halve meter lang kunnen worden. Bij gevechten kunnen ze elkaar hier flink mee verwonden. Ook wilde zwijnen hebben zulke groot uitgegroeide hoektanden. Deze kunnen ze gebruiken bij het zoeken naar voedsel in de grond, maar ook kunnen ze worden ingezet als wapens. Mannetjesantilopen en –gazellen hebben horens waarmee ze vechten. Mannetjesherten hebben geen horens maar een gewei. Ook zij gebruiken deze in gevechten tegen rivalen, om zo een vrouwtje te veroveren. Herten krijgen elk jaar een nieuw gewei. Bij antilopen en runderen blijven de horens altijd doorgroeien. Giraffen en okapi’s hebben eveneens horens, hoewel deze in verhouding tot bijvoorbeeld die van waterbuffels een stuk kleiner zijn. Wanneer twee mannetjesgiraffen met elkaar vechten, delen ze slagen uit met de hals, waarbij ze de ander met hun hoofd en horens raken.

Domesticatie

Meerdere soorten evenhoevigen zijn gedomesticeerd, ofwel de mens heeft deze dieren getemd en tot een soort huisdieren gemaakt. Dit is gebeurd met koeien, schapen, geiten, varkens, kamelen, lama’s, alpaca’s, jaks, waterbuffels en rendieren. Waarschijnlijk zijn sommige soorten runderen, geiten en schapen de vroegst gedomesticeerde dieren; zo’n 7000 jaar voor Christus gebeurde dit al. Al deze dieren zijn om verschillende redenen gedomesticeerd. Een eerste reden is dat sommige dieren melk leveren, zoals koeien, geiten, jaks, kamelen, rendieren en waterbuffels. Daarnaast leveren veel dieren vlees, wat geldt voor kamelen, koeien, varkens, jaks, waterbuffels en rendieren. Een derde reden is de vacht van dieren die mensen kunnen gebruiken. Zo levert de vacht van schapen, lama’s en alpaca’s wol. Ook de vacht van rendieren en kamelen wordt gebruikt. Een laatste reden dat veel evenhoevigen zijn gedomesticeerd is omdat ze als last- of trekdier gebruikt kunnen worden, bijvoorbeeld om mensen of bagage te dragen of een ploeg door het land te trekken. Hier worden rendieren, kamelen, lama’s, alpaca’s en waterbuffels voor ingezet.
© 2014 - 2019 Muser, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
De giraf en zijn lange nekDe giraf en zijn lange nekDe giraf is sierlijk, mooi, snel en sterk. Het grootste zoogdier op aarde leeft in Afrike, op de savannen. In Nederland…
Het Nijlpaard: zwaar op het land, licht in het waterHet Nijlpaard: zwaar op het land, licht in het waterDe Nijlpaard is net zoals de Neushoorn en olifant nog een van de weinige oerdieren die we op onze planeet bezitten.
Nijlpaard (paard van de rivier)Nijlpaard (paard van de rivier)Het nijlpaard (Grieks: hippopotamus, ofwel ‘paard van de rivier’) is het grootste dier ter wereld dat in zoet water leef…
Reeën - Sierlijk, schuw en onvindbaarZe zijn stil en onvindbaar, snel en wendbaar. Door heel Nederland leven ze - maar ze door heel Nederland vínden is ander…
Alles over het nijlpaardMet zijn enorme afmetingen en een grote bek – die hij wel 150 graden kan openen en waarmee hij een krokodil van 3 meter…
Bronnen en referenties
  • Encyclopedie van de dieren. ISBN: 1405464062
  • Afrikaanse savannen. ISBN: 9064072434
  • Natuurencyclopedie. ISBN: 9789026126918

Reageer op het artikel "Zoogdieren: evenhoevigen"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Muser
Laatste update: 26-06-2014
Rubriek: Dier en Natuur
Subrubriek: Dieren
Bronnen en referenties: 3
Schrijf mee!