
De Parson Russell Terrier
Vrijwel iedere echte liefhebber van de hondenrassen, Parson- en Jack Russell Terrier, kent het verhaal van de jagende dominee, Parson John Russell, die in het dagelijkse leven Jack werd genoemd. In dit arikel kunt u een samenvatting van zijn levensgeschiedenis vinden en informatie over het onstaan en de ontwikkeling van de Parson Russell Terrier. De vraag wordt ook gesteld of dit ras bij u past en tot slot wordt de FCI rasstandaard weergegeven.
Het ras en het ontstaan
Dominee Jack Russell te paard
1809 – John zit op school in Tiverton maar heeft meer interesse in de jacht dan in studeren. Samen met een medestudent vormt hij een kleine meute, die ze onderbrengen in een schuur, achter de dorpssmidse. Als het hoofd van de school daar achterkomt, word de medestudent van school weggestuurd, maar John mag na een fiks pak rammel blijven.
1814 – John gaat studeren in Oxford. De atletische jongeman besteed echter de meeste tijd aan boksen, worstelen en het ligt voor de hand, aan het jagen met de plaatselijke meutes.
1819 – John Russell koopt van een melkboer zijn eerste terrier, het teefje Trump zal de stammoeder worden van zijn eigen lijn Foxterriers. De biograaf, Rev. E.W.L. Davies, van Dominee Russell omschrijft haar als volgt:
De kleur is wit, met slechts een vlek donker tan over elk oog en oor en een zelfde vlek, niet groter dan een penny, aan de staartwortel. De vacht is dik en enigszins draadharig, deze is erop berekend het lichaam tegen vocht en kou te beschermen, maar lijkt in niets op de lange ruwhaar vacht van de Schotse Terrier. De benen zijn kaarsrecht en de voeten perfect, de lendenen en de hele bouw van het lichaam drukken hardheid en uithoudingsvermogen uit, waarbij de omvang en hoogte van het dier vergeleken kunnen worden met die van een volgroeid vossenmoertje.
Trump
Uiteindelijk studeert John Russell af en wordt hulppredikant in South Molton en George Nympton. Van zijn karige salaris is het eigenlijk niet mogelijk om een meute hounds en terriers te onderhouden maar hij doet het toch.
1826 – John trouwt met Penelope Incledon Bury, een niet onbemiddelde dochter van een admiraal. Gelukkig is zij dol op jagen en op honden. Na het huwelijk word John de hulppredikant van zijn vader in Iddleseigh.
1832 – Het echtpaar Russell verhuist en John word dominee in de gemeente Swimbridge en Landkey. Hier brengen ze hun meest productieve en gelukkigste jaren door. De dominee is erg geliefd bij zijn medejagers en parochianen maar ook in de hoogste kringen wordt hij gerespecteerd. Zo is hij een aantal malen te gast bij de Prins en de Prinses van Wales.
1875 – Penelope overlijdt en John is overmand door verdriet. In een brief schrijft hij dat in iedere kamer de lege stoelen hem aanstaren waar ze ooit op gezeten heeft.
1879 – Het leven is moeilijk voor de oude dominee, niet alleen vanwege het gemis van zijn vrouw maar ook financieel. Noodgedwongen neemt hij daarom een beroep aan in Black Torrington. Daar is zijn salaris hoger maar hij mist er zijn oude vrienden. Tot overmaat van ramp breekt er ook nog een keer brand uit waarbij zijn paarden en enkele honden omkomen. Ondanks alle tegenslag blijft zijn passie het jagen.
28 april 1883 – Parson Jack (John) overlijd op 87 jarige leeftijd. De kerk en de begraafplaats van Swimbridge zijn afgeladen met rouwenden. Meer dan 1000 mensen zijn er om hem de laatste eer te bewijzen en hem te ruste leggen naast zijn geliefde Penelope. Onder de vele kransen is er ook een van de Prins en de Prinses van Wales. John Russell was een eenvoudige geestelijke met een simpel geloof. Hij was iemand met veel humor en deed enorm veel aan liefdadigheid. Niemand heeft ooit tevergeefs op zijn deur geklopt om hulp. Toch is het dat niet waardoor zijn naam voortleeft, maar zolang er liefhebbers blijven van Russell Terriers zal hij nooit vergeten worden.
Bij het graf van de Dominee
De ontwikkeling van het ras
Zoals al vermeld fokte Dominee Russell zijn eigen lijn Fox Terriers en was Trump zijn eerste fokteef. In alle boeken die ik tot dusver heb gelezen staan nogal wat tegenstrijdigheden. Bijvoorbeeld: volgens de kleindochter van Dominee Russell hield haar grootvader nauwkeurig stamboeken bij. Het is alleen jammer dat er nooit iemand een spoor van deze stamboeken heeft gevonden. Volgens sommigen was de Dominee een ordinaire hondenhandelaar die “alles maar op elkaar kwakte” en volgens andere tijdsgenoten maakte hij zijn combinaties weloverwogen met zijn eigen honden (lijnteelt/inteelt) en maakte hij slechts zelden gebruik van reuen van anderen (outcross). De reuen die hij van andere kennels gebruikte zijn “Old Jock” en “Old Tartar”.Jock, Tartar en Nell
Deze reuen worden ook genoemd in de geschiedenis van het ontstaan van de huidige Fox Terrier. Herkomst hondenrassen Het feit is dat al die boeken geschreven zijn door mensen die informatie uit overlevering hebben gekregen en ook nog vaak zijn opgesmukt. De pure waarheid zullen we dus wel nooit weten.
Het ideaalbeeld wat John Russell had van een terrier wordt in de boeken omschreven als:
een ruwharige hond met ruige wenkbrauwen en een duidelijke snor. De terrier moest een scherpe, nauwe kaak hebben, krachtige maar niet te lange benen, een lange rug en kleine oren (de door de dominee gefokte honden werden nooit aan de oren of aan de staart gecoupeerd!). De kleur moest overwegend wit zijn. De vacht moest hard zijn en de hond beschermen tegen barre weersomstandigheden. Hij moest de paarden en hounds achtervolgend zijn eigen weg door het terrein vinden, betrouwbaar en met uithoudingsvermogen. Wanneer de vos onderliep moest hij hem onverschrokken volgen en net zo lang aanblaffen en tergen tot de vos weer uit de bouw sprong en de jacht vervolgd kon worden. Hij hield niet van terriers die de vos grepen en/of doodmaakten. Hij had het ook niet zo begrepen op honden die onderling knokten. Volgens een anekdote kreeg zijn kennelhulp dan de boodschap “zorg dat we deze hond morgen niet meer hoeven te voeden”…..
Tijdens het leven van de dominee werden Fox Terriers steeds populairder. Er waren veel jagers zoals John Russell die hun eigen hounds en terriers fokten om hun werkcapaciteiten, maar er kwamen steeds meer terrierfokkers die op uiterlijk fokten. Toen er hondententoonstellingen kwamen was het hek van de dam. De (gladhaar) Fox Terrier was favoriet en werden, hoger op het been, vierkanter van lichaam en met lange smalle hoofden gefokt. John Russell heeft zijn terriers ook geshowd en keurde op een aantal tentoonstellingen. Hij was zelfs medeoprichter van de kennel Club en bleef lid tot zijn dood. Toen er echter steeds meer Fox Terriers wonnen, die vaak het eigendom waren van dames, die beslist niet wilden dat er een schrammetje kwam op hun kostbare lievelingen en dus nooit werden getest in het veld, kreeg Dominee Russell er genoeg van.
Gladharige, drie-kleur reu
Tien dagen na de dood van Dominee Russell verscheen er een “in memoriam” in The Kennel Gazette, waarschijnlijk geschreven door een oude vriend en collega fokker Murchison, want deze man registreert in hetzelfde nummer een puppy onder de naam “Jack Russell”. In het stuk staat dat John Russell het verafschuwde wanneer je aan een terrier zag dat er Bull Terrier was ingekruist. Van de volgende die genoemd wordt als grootheid in de ontwikkeling van het ras wordt ook verteld dat hij de lijnen van Dominee Russell kruiste, maar dan met Sealyham Terriers, hoewel hij dat zelf ten stelligste ontkende. Deze als geestelijke mislukte, Master of hounds en journalist heette Arthur Blake Heinemann en zijn hobby was niet de vossenjacht maar het graven naar dassen. Het spreekt voor zich dat hij een harder type nodig had voor deze “sport” en de Sealyham Terrier zou verklaren waarom er ineens kortbeniger exemplaren verschenen. Arthur Heinneman werd in zijn “hondenwerk” bijgestaan door zijn huishoudster Mrs. Harris die toevallig of niet… weer familie was van de kennelhulp van John Russell, Will Rawle. Heinneman werd geboren in 1871 en was dus nog maar 12 toen de Dominee stierf. Hoewel hij in 1904 de eerste rasstandaard op papier heeft gezet, lijkt dus erg stug dat hij nog met zuivere nakomelingen uit John Russells kennels werkte toen hij in 1894 de Devon and Somerset Badger Club oprichtte. De naam van deze club werd in 1914 veranderd in De Parson Jack Russell Club. Na de dood van Heinemann in 1930 zette Mrs. Harris deze club en voort en erfde ook zijn terriers.
Ruwharig, wit-zwart teefje met pups
Na de tweede wereldoorlog waren kleine witte terriers met hier en daar een vlek erg in zwang. En of ze nu “ondermaats” waren, kromme pootjes hadden en/of enorme prikoren, het werden in de verkoopadvertenties allemaal “Jack Russells” genoemd. Niets nieuws onder de zon dus als men vandaag de dag internet oversurft. In 1983 was men dat beu en vroegen een aantal fokkers erkenning aan voor het ras bij de Kennel Club. Andere fokkers waren het daar niet mee eens omdat ze bang waren dat hun werktypes al snel overruled zouden worden door de SOB’s (Show Only Brigade) zoals bij de Fox Terriers was gebeurd toen die in 1876 was erkend. Na een aantal vergaderingen vol discussie over wat nou “de echte Jack Russell” was en meerdere aanvragen, werd het ras erkend in januari 1990, onder de naam Parson Jack Russell Terrier. De andere fokkers (lees: de meeste werkende terrier kennels) bleven het ras fokken onder de naam Jack Russell en verenigden zich in andere, niet bij de Kennel Club aangesloten clubs, zoals de JRTCGB en organiseerden eigen shows (waar gekeurd word onder en boven de 30,5 cm en dan ook nog onderverdeeld in vachttypes en geslacht) en hielden eigen stamboeken bij. Mondjesmaat registreren ook deze fokkers vandaag de dag hun terriers bij de Kennel Club.
Bij de eerste registraties van de Parson Russell Terrier, in de stamboeken van de Kennel Club, komt er een ander discussiepunt tevoorschijn. De kwestie van de Lakeland Terrier. Het gaat hier ook om het werkende type van dit ras, de “Fell Terrier” en dan ook nog speciaal de witte exemplaren). Vast staat dat Kenterfox Flint (vader: Rex / black and tan Fell x moeder: Floss /rode Fell) als Parson Jack Russell staat geregistreerd. Het hoe en waarom is vaag. Sommigen zeggen dat de Fell Terrier werd ingekruist om een harder en scherper karakter te verkrijgen en anderen beweren dat het was om de constructie te verbeteren.
Brunsparagon Bucko Joe een zoon van Kenterfox Flint
Vermoedelijk kwamen zo rond 1980 de eerste Jack Russells naar Nederland. Vaak meegenomen door paardenliefhebbers die ze kochten of kregen in de stallen die ze in Engeland bezochten. Ook hier ging men met deze hondjes aan de slag op de vos en werden er nestjes gefokt. In 1984 werd er een voorlopig register door de Raad van Beheer opengesteld en in het volgende jaar werd de Jack Russell Terrier Club Nederland opgericht, die zich conformeerden naar de Jack Russell Terrier Club of Great Brittain. Van meet af aan waren de jagers bang dat door zo’n rasvereniging de Jack Russell van een jachthond zou veranderen in een mode / showhond, maar aan de andere kant zagen ze wel in dat er wat gedaan moest worden aan de grote uiterlijke verschillen van de terriers onderling.
In navolging van Engeland gaf de FCI op 2 juli 1990 een voorlopige erkenning aan de Parson Jack Russell Terrier (definitieve erkenning volgt in 2001). De JRTCN werd in 1992 door de Raad van Beheer erkend als Rasvereniging voor de Parson, maar pas in 1996 werd het hier verboden om het “kortbenige” en het “Parsontype” met elkaar te kruisen. Er werd toen een aantal maal de mogelijkheid gecreëerd om je terrier “om te laten keuren”. De Jack Russell bleef in het Voorlopig Register en de Parson Jack Russells kwamen in de Bijlagen. De Jack Russell fokkers gingen meer en meer de kant op van het “Australische type” waarschijnlijk omdat “de kortbeen” daar al in 1990 was erkend als ras. In 1999 werd na de nationale erkenning van de Jack Russell Terrier de JRTCN opgesplitst in twee rasverenigingen, de PRTCN voor de Parson Russell Terrier (Om de verwarring compleet te maken heeft een of andere Amerikaan in ‘99 patent op de naam Parson Jack Russell gekregen en is “de Jack” er wereldwijd tussenuit moeten worden gehaald!) en de NVJRT voor de Jack Russell Terrier. De FCI erkent onder druk van Australië in 2000 (definitieve erkenning volgt in 2003) de Jack Russell Terrier en neemt de daar opgestelde standaard over, waarin Engeland wel als land van herkomst wordt genoemd maar Australië als land van ontwikkeling. Het gaat me te ver om in dit artikel de ontwikkeling van de Jack Russell en de Parson Russell in andere werelddelen ook nog onder de loep te nemen, maar ik wil nog wel even toevoegen dat het schijnt dat de Jack Russell Terrier in Amerika recentelijk voorlopig is erkend onder de naam Russell Terrier. Gelukkig houden ze voor de Parson Russell Terrier dezelfde naam aan……..
Ruwharig, wit-bruin teefje
Past de Parson Russell bij u?
De Parson Russell Terrier is een geweldige hond als hij u past. Niet iedereen is geschikt voor dit ras. Ze zijn temperamentvol, intelligent, eigenzinnig, moedig (vaak overmoedig!) en zijn gek op beweging. Mensen die alleen op het leuke uiterlijk afgaan, voelen zich bedrogen uitkomen als blijkt dat het hondje geïnteresseerd is in heel andere zaken dan op schoot zitten (hoewel veel Russells dat op zijn tijd ook graag doen). Het is zinvol om met een pup naar puppycursus te gaan om een basis te leggen voor de gehoorzaamheid en voor de socialisatie met andere honden. Een Parson Russell dient consequent te worden opgevoed, streng doch rechtvaardig. Terriers bij elkaar van hetzelfde geslacht geeft vaak onderlinge strijd, vooral als ze niet zo veel in leeftijd verschillen. Wanneer men dus twee Parsons in huis wil hebben is het aan te bevelen voor een reu en een teef te kiezen. Meer dan twee vereist helemaal een ijzeren leiderschap van u als de roedelleider.Wanneer u niet in de gelegenheid bent om met uw Parson Russell te jagen, zoek dan ander “werk” voor hem zoals simulatietraining vossenjacht, terrier racen, behendigheid, flyball of iets dergelijks. Een heel jaar door twee maal per dag een blokje om is niet genoeg voor dit sportieve ras, om nog maar niet te spreken wat je deze hond aandoet als je hem alleen maar een paar keer per jaar uit de kennel haalt om alleen een rondje te mogen doen in een showring op een tentoonstelling. De Parson is nog een betrekkelijk gezond ras en de gemiddelde leeftijd die ze bereiken is 13-15 jaar. Uit een gezondheidsonderzoek van de Raad van Beheer op Kynologisch gebied in Nederland blijken naast oogziektes, allergieën en Patella Luxatie als aandachtspuntjes, vooral gedragsproblemen een grote rol te spelen in de meeste Parsonrijke huishoudens. In de praktijk blijkt dat vaak te gaan om opvoedingsproblemen, door mensen die de hond hebben aangeschaft zonder vooraf de juiste informatie in te winnen. De nestgrote van de Parson is gemiddeld zo’n 4 à 5 pups.
De Rasstandaard
- Oorsprong:
Publicatie van de geldende originele Standaard: 29.10.2003
- Gebruik:
- Classificatie F.C.I.:
Onderworpen aan een werkproef
- Algemene verschijning:
- Belangrijke verhoudingen:
- Gedrag / Temperament:
- Hoofd: Schedel:
- Mond:
- Gebit:
- Ogen:
- Oren:
- Hals:
- Lichaam:
- Rug:
- Lendenen:
- Borst:
- Staart:
Gecoupeerd:
lengte die in een verhouding is tot het lichaam en een goed handvat vormend. Sterk, recht, middelmatig hoog aangezet, tijdens het gaan goed hoog gedragen
Ongecoupeerd:
Van middelmatige lengte en zo recht mogelijk, in goede harmonie tot de hond, dik bij de aanzet toelopend naar de punt Middelmatig hoog aangezet, tijdens het gaan goed hoog gedragen
- Ledematen:
- Voorhand:
- Schouders:
- Ellebogen:
- Achterhand:
- Knie:
- Hakken:
- Voeten:
- Gangwerk:
- Huid:
- Vacht:
- Kleur:
- Grootte:
Teven: ideale schofthoogte 33 cm ( 13 inch )
2 cm erboven of eronder is acceptabel
- Fouten:
- Let op:
- Deze gewijzigde rasstandaard is geldig met ingang van april 2004
Verwante artikelen
- De leeftijd van de hond: Waarschijnlijk heb je altijd al horen zeggen dat één jaar in het leven van een hond gelijkstaat aan zeven mensjaren. Dit is niet correct gezien een hond de volwassenheid bereikt in z…
- De Jack Russell: De Jack Russell Terrier. Een klein, maar pittig hondje. Een hondje die termen als zenuwachtig en lafheid niet kent. De Jack Russell is eigenlijk een grote hond in een kleine verpakking.
- Aanschafkosten van honden per ras: Wanneer je besluit om een hond aan te schaffen, moet je rekening houden met de aanschafprijs. Met name voor echte rashonden ben je veel geld kwijt. In dit artikel vind je d…
- Ierse terrier als huisdier: Ierse terriers zijn ontzettend lief voor kinderen en echte gezelschapsdieren, maar luisteren vanwege hun eigenwijze natuur niet altijd even goed. De Ierse terrier komt oorspronkel…
- Hondenrassen, Airedale Terriër: Dit hondenras de Airedale Terriër wordt ook wel de koning van de terriër genoemd. Zijn naam heeft hij te danken aan het gebied waar hij oorspronkelijk vandaan komt, uit het en…
Bronnen en/of referenties
- Jolanda Leijdens - Fijnaart 7 september 2007
- www.kennel-its-me.com
- Gebruikte literatuur:
- Handboek voor de Parson Jack Russell Terrier - Jean en Frank Jackson
- Jack Russell and his Terriers - Dan Russell
- Jack Russell Terriers Today, The Parsons Terrier - Sheila Atter
- The Parson Russell Terrier - Alan & Maureen Broadstock
- The Ultimate Jack Russell Terrier - Edited by Mary Strom

Reageer op het artikel "De Parson Russell Terrier"

Door Hikari (infoteur) op 03-11-2008
Mijn complimenten over dit artikel! Het zit goed in elkaar en geeft duidelijke informatie!
Reactie infoteur op 03-11-2008:Dankjewel! Dat geeft de burger weer moed want ik moet bekennen dat ik nog veel moet leren...
Grtz. Jo

