InfoNu.nl > Dier en Natuur > Dieren > Slangen voor beginners

Slangen voor beginners

Slangen voor beginners Slangen behoren tot de klasse van de reptielen (Reptilia). Samen met de hagedissen vormen ze de orde Suamata, die uiteenvalt in 2 onderordes: de onderorde Slangen (Serpentes) en die van de Hagedissen (Sauria). Er zijn wereldwijd ongeveer 2800 verschillende soorten slangen beschreven. De slangen die we kennen als terrariumdieren, kunnen we grofweg onderverdelen in gifslangen en wurgslangen.

Wurgslangen

Wurgslangen vormen een bekende groep onder de slangenliefhebbers. In deze groep vinden we enkele zeer bekende en geliefde soorten die ook door beginners gehouden kunnen worden. Wurgslangen hebben hun naam te danken aan de wijze waarop zij hun prooi doden, namelijk door deze te wurgen. Een wurgslang bijt zich vast in zijn prooi en wikkelt zich er strak omheen. Steeds als de prooi uitandemt, wikkeld de wurgslang zich er vaster omheen. Op deze manier komt er een moment waarop de prooi niet meer in staat is in te ademen, en stikt. Wurgslangen hebben ook tanden en kunnen gevoelige beten uitdelen, maar hun tanden bevatten geen gif.

Gifslangen

Onder de duizenden slangensoorten die zijn beschreven, zijn er ongeveer 700 giftig. Gifslangen hebben tanden waarmee ze gif in hun prooi kunnen brengen. De giftanden zijn in somme gevallen uitklapbaar (zoals bij adders). Tijdens de beet komt het gif in het prooidier terecht, waardoor het verlamd raakt en kan worden opgegeten. Een beet van een gifslang kan blijvende dan wel dodelijke gevolgen hebben. Hierdoor zijn de regels voor het houden van een gifslang streng. Het houden van gifslangen is specialisten werk. Daarom ga ik er niet verder op in.

Gebitstypen

In de slangenwereld worden grofweg 4 verschillende gebitstypen onderscheiden:
  • Aglyphe: het type dat we tegen komen bij wurgslangen. Vrij korte tanden.
  • Sloenoglyphe: Lange, holle giftanden die naar voren kunnen klappen en waar het gif doorheen stroomt.
  • Proteroglyphe: Vaste, kleine tanden met een gleuf aan de buitenzijde waar het gif doorstroomt.
  • Opisthoglyphe: De giftanden bevinden zich hierbij achter in de bek. Deze gifslangen moeten dus een deel van de prooi daadwerkelijk in de bek nemen om deze te kunnen verlammen.

Zintuigen

Gehoor

Men gaat er voorlopig nog vanuit dat slangen doof zijn. In elk geval ontbreken de oren, oorschelpen en zelfs een inwendig gehoororgaan. Geluid zouden ze kunnen opvangen door middel van trillingen. Hun hele lichaam kan de kleinste trillingen in de omgeving waarnemen.

Gezichtsvermogen

Het gezichtsveld van de meeste slangen is slecht. Verreweg de meeste slangensoorten zijn zeer bijziend, wat betekend dat ze alleen van heel dichtbij daadwerkelijk kunnen zien. Omdat ze niet afhankelijk zijn van hun gezichtsveld heeft de afwezigheid van licht geen invloed op hun vermogen een prooi te lokaliseren. Dit geldt uitaard niet voor dagactieve slangen die wel een prima gezichtsvermogen hebben.

Reukvermogen

Slangen vertrouwen vooral op hun reukvermogen. Geuren nemen zij op via de gevorkte tong. De geurstoffen die de tong opneemt, worden in de mondholte door het zogenaamde orgaan van Jacobson gedetermineerd. Dit verklaart ook waarom slangenhouders die hun handen niet hebben gewassen nadat ze hun voederdieren hebben verzorgd, nog wel eens per ongeluk gebeten worden. Hun vingers ruiken nog naar prooidier. Ook kunnen slangen op deze manier een geurspoot ruiken van een prooidier; ze nemen met hun tong de geurstoffen waar van de voetafdrukken van hun prooidier en kunnen het dan volgen.

Temperatuur

Tenslotte kunnen diverse slangensoorten zeer goed temperatuur meten en op deze manier hun prooi waarnemen. Bij deze slangensoorten heeft het voor het prooidier geen zin om dekking te zoeken, of het nu dag of nacht is.

Voedsel

De meeste slangen eten levende dieren. Welke prooidieren worden gegeten is per soort verschillend. Ook de grootte van het prooidier is afhankelijk van de soort slang, de habitat en zijn of haar grootte. Bovendien zijn slangen individuen; ze hebben een voorkeur voor een bepaald prooidier.
De prooi wordt altijd in zijn geheel verorberd, waarbij de kop meestal het eerst naar binnen wordt gewerkt. Als de prooi erg groot is, kan een slang zijn kaken losgooien en de bek enorm openen. De slangenhuid en de organen zijn zeer rekbaar. Bij het eten wordt veel slijm geproduceerd waardoor de prooi doorglijdt. Dit opeten kan enige tijd in beslag nemen. In de natuur is een slang kwetsbaar als hij bezig is een prooi te verorberen; slangen eten dan ook alleen als ze zich veilig voelen. De maag en darmen zijn extreem elastisch. Heeft een slang een erg grote prooi gegeten, dan is deze duidelijk zichtbaar als een bobbel iin het slangenlichaam.
Slangen kennen 2 manieren van jagen; actief en passief. De actieve jager gaan op zoek naar een prooi en leggen daarvoor afstanden af. De passieve jager wachten op een bepaalde plek waar ze, bijvoorbeeld door de geur, vermoeden dat er een prooi voorbij kan komen, en slaan toe zodra die prooi daadwerkelijk binnen hun reikwijdte komt.

Vervellen

Slangen groeien hun hele leven lang door. In hun eerste levensjaren kunnen ze enorm groeien, terwijl ze in hun laatste jaren nauwelijks nog langer en dikker worden. De huid groeit echter niet met het lichaam mee. Deze valt af zodra eronder een nieuwe huid is aangemaakt. De vervelling begint bij de kop en zet meestal snel in nadat de ogen dof zijn geworden. Het oude vel wordt in zijn geheel afgestoten. Bij een gezonde en in topconditie verkerende slang blijft er geen oude huid achter op het lichaam. Het is niet aan te geven hoe vaak een slang per jaar vervelt. Een jonge slang vervelt veel vaker dan een volwassen exemplaar en een gewonde slang zal ook vaker vervellen.

Voortplanting

Slangen leggen eieren of zijn eierlevendbarend. De eileggers zoeken een beschutte plaats om hun eieren (1-80 stuks, doorgaans wit) te leggen. Vrijwel alle andere soorten kijken niet naar hun legsel om, met uitzondering van de pythons. Zij blijven bij het legsel om het te beschermen en het actief uit te broeden. Bij eierlevendbarende slangen ontwikkelen de jongen zich in de eieren in het moederlichaam. De jongen worden gevoed door voedingsstoffen in het ei. Als het jong ver genoeg is ontwikkeld, komt het ter wereld. Slangen kennen in principe geen zorg voor hun jongen.

Huisvesting

Elke slangensoort stelt eigen eisen. Wordt een slang in een terrarium gehouden dat niet is afgestemd op zijn eisen en behoften, dan is de kans zeer groot dat het dier binnen de kortste keren ziek wordt en zelfs dood gaat.

Algemeen

Een terrarium kun je kant en klaar aanschaffen bij een terrariumspeciaalzaak of bij een slangenliefhebber die verblijven maakt, maar je kunt het zelf ook maken. Je zult merken dat er een enorme variatie in slangenterraria is. De hokken van de grotere slangenkwekers bijvoorbeeld, zien er voor een leek vaak uit als archiefkasten; tientallen tot honderden oplastic bakken in een wandstelling. In dit geval houdt ik rekening met de slangenliefhebben die naar het dier wilt kunnen kijken.

De plaats

Zet een terrarium op een zo rustig mogelijke plaats; slangen hebben last van stress. Stress tast het immuumsysteem aan en daarmee neemt de weerstand tegen ziekten af. Een te drukke omgeving kan het dier dusdanig in de war brengen dat het niet meer wil eten en agressief wordt, zich steeds verstopt, ziek wordt en sterft. Zet de bak dan ook niet naast een veelgebruikte deur. Let ook op de lichtinval; er mag best kort een ochtendzonnetje in het terrarium schijnen, maar als het urenlang is, kan dat de temperatuur in de bak te hoog opjagen. Zon in het terrarium maakt het ook moeilijker om de temperatuur in het terrarium te controleren.

Het materiaal

Maak je zelf het verblijf, houd er dan rekening mee dat sommige slangen erg sterk zijn en wanden van elkaar kunnen wringen. De wanden moeten dan ook zeer goed aan elkaar bevestigd zijn. Onderschat tevens hun gewicht niet. De bodem van de bak waarin het dier gehouden wordt, moet dit gewicht kunnen dragen en niet op den duur gaan doorbuigen. Gewoon hout is dan ook zelden geschikt. Aan de voorzijde kun je glazen schuifpanelen maken die in een rails of uitsparing kunnen worden geschoven. Een openstaande rand onder de schuifpanelen is aan te bevelen. Dat voorkomt dat er elke keer dat je in het verblijf moet zijn, bodemmateriaal naar buiten valt. Pas de dikte van het glas aan de grootte van de terrariumbewoners aan.
Stem de grootte van het terrarium af op het formaat van de dieren die er in wonen. Over het algemeen hoeft een terrarium niet zo heel erg groot te zijn; de meeste slangen houden juist niet van al te veel ruimte. Ze raken er gestrest van.
De achterwand wordt meestal gemaakt van kurkplaat, dat in elke terrariumspeciaalzaak te koop is en op maat kan worden gesneden.

Er zijn verschillende materialen die je op de bodem van het terrarium kunt leggen:

  • Beukenhouten snippers. Ruiken lekker en zij handig in het gebruik, maar let op dat ze niet te scherp zijn.
  • Hydrokorrels. Zijn schoon, licht en praktisch in het gebruik.
  • Cocopeat. Is een speciaal soort potaarde, die rul is en vocht goed vasthoudt.
  • Grof speelzand en grind. Worden wel eens toegepast bij slangen uit woestijngebieden
  • Turfstrooisel. Is ook comfortabel en houdt vocht redelijk goed vast. Het voordeel hiervan is dat de hoge zuurgraad het leven voor kleine ongenode gasten onmogelijk maakt.
  • Kranten- en keukenpapier. Is niet echt decoratief maar wel praktisch en goedkoop. Het wordt veel toegepast.

Planten

Wil je planten in het terrarium, dan zijn kunstplanten het meest praktisch. Ze hebben geen verzorging nodig, zijn gemakkelijk schoon te maken en ogen altijd fris. Let er bij aanschaf wel op dat ze stevig zijn. Slangen hebben de neiging om erin te klimmen en de stevigheid te testen. De plant moet het gewicht dus wel kunnen dragen. Zorg er vooral voor dat de planten de slang niet hinderen. Uiteraard mogen er geen scherpe uitsteeksels aan de planten zitten, die de slang kunnen beschadigen.

Schuilplaatsen

Vrijwel alle slangen hebben schuilplaatsen nodig waar ze zich in terug kunnen trekken. Hiervoor kunnen allerlei materialen dienen. Denk bijvoorbeeld aan een halve uitgeholde boomstam, een flink gebogen boomschors. Ook een gladde stenen waarin je een hol creeert is prima, zolang de stenen niet kunnen verschuiven. Houdt er rekening mee dat je de schuilplaats moet kunnen weghalen voor als je eens genoodzaakt mocht zijn de slang uit zijn verblijf te halen. Het is niet de bedoeling om de slang steeds te stoten, maar als het dier ziek is en hulp nodig heeft, geeft dat natuurlijk problemen.

Waterbak

Bijna alle populaire slangensoorten zijn dol op water en ze liggen graag enke dag in hun waterbak. Een slang heeft voor een normale vervelling water nodig. Dit water zorgt tevens voor een wat hogere luchtvochtigheid in de bak. Een waterbak is dan ook een absolute must. De bak moet zo groot zijn dat de slang er helemaal in kan liggen, en voldoende zwaar, zodat de bak niet kan worden omgestoten. Aardewerk is dan ook meestal de beste keus. Vul de waterbak niet helemaal, anders stroomt over als de slang erin gaat liggen.

© 2008 - 2019 Bailey, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Het bezweren van slangenHet bezweren van slangenDit artikel gaat over het bezweren van slangen: hoe slangenbezweerders het doen, en wat voor gevolgen het heeft voor de…
De anaconda - een van de grootste slangen ter wereldDe anaconda - een van de grootste slangen ter wereldDe anaconda is een van de meest gevreesde slangen ter wereld. Terecht, want het is ook een van de grootste slangen ter w…
Een bijzonder dier: de slangIn de christelijke cultuur worden slangen als gemeen en boosaardig gezien. In andere landen, bijv. Indië, worden ze als…
Werkstuk slangen voor kinderenWerkstuk slangen voor kinderenEen spreekbeurt maken is voor de meeste kinderen best moeilijk, zeker als het de eerste is. Laat het kind een leuk onder…
De Boidae of boa-familieBoa’s zijn bij slangenliefhebbers zeer populaire slangen. Ze zijn echter zeer moeilijk te houden omdat ze zeer grote rui…
Bronnen en referenties

Reageer op het artikel "Slangen voor beginners"

Plaats een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Reacties

Ronny, 13-08-2014 22:40 #2
Goede dag mijn madagascar grond BOA heeft een klein wondtje +/- 5 mm groot.
Dat ong 15cm onder zijn hoofd zit. Wat kan en of mag ik er aan doen?

Met vriendelijke groet
Ronny

Anoniem, 06-02-2014 21:20 #1
Slangenbezweerders besturen de slangen niet dat doet de fluit! de slang die volgt de fluit ter verdediging.

Infoteur: Bailey
Laatste update: 27-11-2008
Rubriek: Dier en Natuur
Subrubriek: Dieren
Bronnen en referenties: 1
Reacties: 2
Schrijf mee!