Grassen vind je overal!
Iedereen kent gras, maar wat weet je eigenlijk precies over deze plant behalve dat je het vaak moet maaien? Nochtans is gras een heel interessante plant. Het wordt gekenmerkt door bepaalde eigenschappen en het kan echt bijna overal groeien. Gras heeft alleen maar wat water nodig en het kan opnieuw kiemen. Zelfs in woestijnen, koude gebieden of op grote hoogtes kun je deze plant tegenkomen.Gras kennen wij vooral in de vorm van groene sprietjes, maar er bestaan heel wat meer soorten. Zo zijn maïs, rijst, tarwe,... ook lid van deze plantengroep. Grassen hebben altijd een holle stengel en ze dragen knopen, al zijn die niet altijd even goed zichtbaar.
Enkele families
Onder de grassen zijn er heel wat verschillende families. Zo heb je bijvoorbeeld de cypergrassen. Bij deze groep heeft de stengel een driehoekige vorm. Wollegras en waterbies zijn twee van de soorten die tot deze familie behoren.Je hebt ook nog de russen. Ook hier is de stengel hol, maar ze bevat wel merg. De vorm is niet driehoekig, maar rolrond.
Windbloeiers
Heel wat planten hebben dieren nodig om zich voort te planten, maar dat is niet het geval bij gras. Zij gebruiken enkel en alleen de wind en zijn dan ook de grootste groep onder de windbloeiers. Gras produceert een enorme hoeveelheid stuifmeel dat van de ene naar de andere plaats wordt vervoerd. Op die manier kunnen er weer nieuwe zoden gras ontstaan.Doordat gras geen dieren moet aantrekken, heeft deze plantensoort ook geen opvallende bloemen. Daarnaast is een parfum of nectar ook niet nodig.
Eenzaadlobbige planten
In graszaad zit er maar één zaadlob. In elk zaadje zit een piepkleine kiem die een wortel en stengel bevat. De kiem ontwikkelt zich tot een nieuwe plant. Voor de uitbreiding van de soort is er enkel en alleen water nodig. Gras komt dan ook op verscheidene plaatsen voor.De kiem haalt haar eerste voedsel uit de zaadlob. Daarna gaan de cellen van het zaad zich splitsen waardoor de zaadhuid na een tijdje scheurt. De stengel groeit naar het licht en de wortel groeit naar beneden.