InfoNu.nl > Dier en Natuur > Dieren > Exotische mieren rukken op in Nederland

Exotische mieren rukken op in Nederland

Exotische mieren rukken op in Nederland Mieren uit tropische landen zijn zich in de 21ste eeuw aan het vestigen in Nederland. Door het warmer wordende weer kunnen ze overleven in Europese landen met een overheersend zeeklimaat zoals onder andere Nederland. Ze zijn invasief omdat hun eigen vijanden en ziekten niet voorkomen in de Europese landen en vormen zo een bedreiging voor de inheemse mieren en voor het bestaande eco-systeem. Via de internationale handel, in wortelkluiten van mediterrane planten, komen de exotische mieren in het land en kunnen ze de inheemse soorten verdrijven. Ook geven ze veel overlast in woonwijken.
De bruidsvlucht van de inheemse zwarte wegmierDe bruidsvlucht van de inheemse zwarte wegmier

Mieren (Fomicidae)

Mieren horen tot de klasse van de insecten (Insecta) en tot de orde van de vliesvleugeligen (Hymenoptera). Mieren zijn sociale dieren en leven samen in een nest waar ieder individu een eigen taak heeft (koloniserend). De tientallen koninginnen en de honderden vruchtbare mannetjes vliegen massaal in de zomer uit voor de bruidsvlucht. De koningin wordt bevrucht door het hoogst vliegende mannetje en begint elders een nieuwe kolonie. De mannetjes sterven na de bruidsvlucht. Mieren behoren tot de familie van de wespachtigen (Vespoidea) en stammen af van gravende wespensoorten waarvan de werksters hun vleugels hebben verloren. Alle mieren behoren tot de familie Formicoidae. Mieren hebben een in drieën verdeeld lichaam, namelijk een:
  • kop;
  • borststuk;
  • achterlijf.

Qua lichaamsbouw lijken ze dan ook op wespen met hun ‘wespentaille’, maar mieren hebben een vierde (soms een vijfde) extra lichaamsdeel tussen borststuk en achterlijf, een schub of knoop. Mieren hebben zes poten die aan het borststuk vast zitten, vijf ogen (drie piepkleine ogen en twee wat grotere ogen), twee voelsprieten en een mond met twee kleine schepjes (kaken) met tandjes eraan. Tussen de kaken zit een tongetje om de nectar uit bloemen te likken.

De inheemse mier

Het gaat anno 2018 niet goed met de mieren in Nederland, die hun oorsprong hebben in dit land. Deze mieren worden bedreigd met uitsterven door biotoopverlies en door de toename van de exotische mieren, mieren die van oorsprong uit een warm en (sub)tropisch land komen.

Inheemse behaarde rode bosmier met prooiInheemse behaarde rode bosmier met prooi
Soorten inheemse mieren
In Nederland zijn 183 soorten mieren waarvan 77 inheemse soorten. Inheems is wanneer de mier hier altijd al voorkomt of langer dan tien jaar al is gevestigd in een land. Soorten die we kennen en die in verschillende biotopen in Nederland leven zijn bijvoorbeeld:
  • behaarde rode bosmier (Formica rufa);
  • wegmier (Lasius niger);
  • bruine renmier (Formica cunicularia);
  • glanzende houtmier (Lasius fuliginosus);
  • kale rode bosmier (Formica polyctena);
  • gele weidemier (Lasius flavus);
  • veldmier (Lasius meridionalis);
  • gewone steekmier (Myrmica rubra).

Inheemse mieren versus exotische mieren

In 2017 zijn alle bekende mierengegevens bij elkaar gebracht in een verspreidingsatlas door de stichting EIS. Stichting EIS is het kenniscentrum in Nederland voor insecten en andere ongewervelden. EIS onderzoekt en monitort exotische mieren. Hieruit blijkt dat er in Nederland 36 gevestigde exoten zijn vastgesteld, waaronder miersoorten die een bedreiging vormen voor de inheemse mieren. Er zijn bijvoorbeeld na 2004, toen de eerste atlas uitkwam, negen nieuwe soorten ontdekt. De meeste miersoorten leven in verwarmde kassen en kwekerijen, maar in 2017 wordt door het onderzoek duidelijk dat een aantal exotische, invasieve en bedreigende mieren zich voorgoed hebben gevestigd in Nederland, buiten de verwarmde kassen en kwekerijen. Tevens zijn er nog tientallen mierensoorten ontdekt die zich nog niet definitief gevestigd hebben in Nederland.

Exotische soorten vestigen zich in Nederland

De exotische miersoorten komen uit tropische of subtropische regio’s en kunnen in een zeeklimaat (met in het oosten van Nederland iets minder invloed van de zee) overleven. De verwarmde kassen en kwekerijen zijn een ideale omgeving voor de exotische mier die van een warm en vochtig leefklimaat houdt. Maar door de stijging van de temperatuur blijkt tevens dat de exotische soorten buiten de verwarmde kassen kunnen leven en zich voorgoed vestigen in Nederland.

De exotische mieren in Nederland

De verhouding tussen inheemse en uitheemse mieren is scheef, blijkt uit het onderzoek van stichting EIS. Er zijn te veel exotische mieren in Nederland die sterk invasief zijn en inheemse soortgenoten doen verdwijnen. Bovendien veroorzaken deze mieren veel overlast voor de mens. In bijna alle gevallen komen de mieren namelijk ook in de woningen. Mieren zoals:
  • het mediterraan draaigatje (Tapinoma nigerrimum). Meldingen uit Vogelenzang, Rotterdam, Nieuwveen, Houten, Wageningen en Ulft in 2016, zijn onderzocht door het KAD (Kennis- en Adviescentrum Dierplagen) en de stichting EIS en bevestigen dat het om het mediterraan draaigatje ging;
  • de plaagmier (Lasius alienus). In 2009 is er onderzoek gedaan door de stichting EIS naar de plaagmier in Nederland en het blijkt dat deze exotische mier sinds eind vorige eeuw in Nederland gevestigde populaties heeft in o.a. in Leiden, Katwijk aan Zee, Wassenaar, Son en Maastricht;
  • de Argentijnse mier (Linepithema humile). In Capelle aan de IJssel is al sinds 1989 een overlast van de Argentijnse mier. In 2008 werden de plaagmieren binnenshuis aangetroffen.
  • de Atlantische dwergschubmier (Plagiolepis schmitzii). Delen van Tholen, Utrecht en Brakel zijn in 2013 ‘volledig overgenomen’ door de Atlantische dwergschubmier, hier zijn de mieren te vinden in de koekjestrommel en in de koelkast.

Het mediterraan draaigatje (Tapinoma nigerrimum-complex)

De mediterrane draaigatjes bestaan uit vier soorten die bijna gelijk aan elkaar zijn, vandaar de Latijnse naam Tapinoma nigerrimum-complex. Het mediterraan draaigatje is een warmteminnend soort uit Zuid-Europa en is waarschijnlijk in de grond van mediterraanse planten meegekomen. In Nederland en ook in België kan het draaigatje overleven op de warme plekjes zoals trottoirs, muren, en tuinen op het zuiden, in spouwmuren en cv-ketels in huizen. Het is een zwarte, glanzende mier die 2,4 tot 5 millimeter groot kan worden. Het draaigatje heeft een achterlijf dat alle kanten op kan draaien om een bijtend zuur naar belagers te spuiten. De werksters van het draaigatje hebben een mierenstraatje waar ze allemaal in één richting oplopen en maken grote kratervormige openingen van het nest. De nesten van de draaigatjes kunnen hele woonwijken beslaan omdat de koningin het nest groter maakt in plaats van ergens anders een nest te bouwen. De nieuw bevruchte koninginnen schuiven gewoon een eindje op in het nest en beginnen daar hun eigen kolonie. En dan te bedenken dat één koningin duizenden werksters en tientallen koninginnen groot kan brengen.

Bron: Triyugowicaksono, PixabayBron: Triyugowicaksono, Pixabay

De plaagmier (Lasius alienus)

De plaagmier Lasius neglectus is een soort die eind twintigste eeuw al beschreven is nadat de mier in Boedapest voorkwam. Waarschijnlijk is de plaagmier al eerder gesignaleerd in Nederland (mogelijk al in 1960) maar toen kon de mier nog niet op naam gebracht worden. Officieel is de soort in 2009 waargenomen in Nederland op verschillende plaatsen. De mieren zijn ongeveer drie millimeter groot en lijken op de zwarte wegmier (Lasius niger). Ze eten kleine ongewervelden dieren en honingdauw van bladluizen. De plaagmier is dol op elektriciteit wat kan leiden tot kortsluiting. De mieren kunnen intelen en één nest kan daardoor uitgroeien tot een enorme kolonie. Bij een kolonie in Spanje maakten onderzoekers een schatting van zo'n 35.500 koninginnen, waar na het onderzoek het aantal koninginnen 360.000 waren en totaal aantal mieren voor het hele nest 112 miljoen mieren bedroegen. De plaagmier wordt aangetrokken door warmte en vocht. Ze zijn in de badkamer te vinden rond de waterleiding, in de wasmachine of onder een vochtig washandje. In de keuken blijken de gootsteen, een koffiezetapparaat, vaatwasmachine of een stopcontact erg aantrekkelijk.

Argentijnse mier (Linepithema humile)

De eerste Nederlandse waarneming van de Argentijnse mier dateert uit 1976 maar is niet officieel geregistreerd. De mier is inheems in het stroomgebied van de Paraná-rivier van subtropisch Argentinië, Brazilië, Paraquay en Uruguay. De mier heeft een lengte van 2,2 tot 2,6 millimeter, is bruin glanzend en de mieren zijn niet gebonden aan hun eigen nest. Ze bewegen tussen alle nesten in een bepaald gebied en kunnen fuseren tot superkolonies in tegenstelling tot inheemse mieren. De mieren worden buiten aangetroffen onder planken, stenen, beton, houtsnippers en composthopen en trekken in november naar binnen waar ze tot en met de eerste verdieping gesignaleerd worden. De Argentijnse mier verdringt de inheemse miersoorten zoals de zwarte wegmier door de belangrijkste voedselbronnen in bezit te nemen. De zwarte wegmier is een belangrijke zaadverspreider voor de flora en het gevaar is aanwezig dat de schade aan de flora en fauna niet te overzien is.

De Atlantische dwergschubmier (Plagiolepis schmitzii)

De Atlantische dwergschubmier is eveneens een kleine mier van twee tot drie millimeter. Ze lopen met velen achter elkaar van en naar voedselbron. Ze leven in concentraties van 200 tot 500 werksters, honderden larven en een aantal koninginnen bijeen. De nesten zijn te o.a. te vinden:
  • onder een steen waar ze nog geen halve vierkante decimeter innemen aan oppervlakte;
  • in een plantenbak waar wel tientallen nestjes in kunnen zitten.

Buiten melken de mieren luizen en binnen zijn ze irritant aanwezig en lopen rustig over een gebakje, in de suikerpot, in de nog verpakte lolly’s en in het medicijndoosje. De Atlantische dwergschubmier kom je tegen in de koelkast en in de koekjestrommel.

Contact

Het kenniscentrum Insecten (EIS) wil voorkomen dat het mediterraan draaigatje, én andere exoten, in ons land explosief toenemen. Neem contact op met wanneer er een nieuwe vindplaats is gezien, of bij ervaring met de bestrijding van de exotische mieren met het EIS Kenniscentrum Insecten en andere ongewervelden:
Vondellaan 55
Postbus 9517
2300 RA Leiden
tel. 071-7519314
e-mail: eis@naturalis.nl
© 2018 Rieja, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Mieren in je huis, hoe kom je er van af?Last van mieren, wie kent het niet. In de zomer komt het voor dat de bewoners van een nest mieren een gaatje je huis in…
Dierenweetjes - MierenMieren zijn volgens wetenschappers op veel vlakken intelligenter en sterker dan mensen, niet alleen dankzij hun lichaams…
Mieren... van koningin tot slaafMieren... van koningin tot slaafIedereen heeft in de zomer wel eens last van een mierennest in zijn gazon of tussen de spleten van zijn terras. Dan zijn…
Mierenplaag: wat te doen bij een mierenplaag of overlast?Mieren in de keuken. Het kan geen kwaad, maar aangenaam is het niet. Wat te doen als de kriebelbeesten je keuken dreigen…
Mier (insecten)Mieren (Formicidae) zijn insecten die behoren tot de vliesvleugeligen. Het zijn diertjes die niet groter worden dan 4 to…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Ulhas Anand, Wikimedia Commons (CC BY-SA-3.0)
  • http://www.nlmieren.nl/websitepages/PLAGIOLEPISSCHMITZII.html
  • http://www.bionieuws.nl/artikelen/bijna-helft-inheemse-mieren-bedreigd/
  • http://www.antwiki.org/wiki/Lasius_neglectus
  • https://www.cabi.org/isc/datasheet/29888
  • http://www.gardensafari.net/dutch/mieren.htm
  • http://www.eis-nederland.nl/exotischemieren
  • https://www.trouw.nl/groen/de-opmars-van-de-exotische-mier~a06dfdf1/
  • Afbeelding bron 1: Triyugowicaksono, Pixabay

Reageer op het artikel "Exotische mieren rukken op in Nederland"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Rieja
Gepubliceerd: 18-06-2018
Rubriek: Dier en Natuur
Subrubriek: Dieren
Bronnen en referenties: 9
Schrijf mee!