Reptiel en Reptielen

Reptielen: Zeeslangen

De slangen van de familie van de zeeslangen (Hydrophidae) zal in dit artikel besproken worden. Wanneer U vragen en/of opmerkingen heeft, kunt u een bericht achterlaten onderaan de pagina!


Hydrophidae

De slangen van de familie van de zeeslangen (Hydrophidae) die, zoals uit de naam al blijkt, uitsluitend in het water leven. Ze hebben kleine tot middelgrote afmetingen en onderscheiden zich door hun afgeplatte staart die sterk op een roeiriem lijkt. Hun kop is betrekkelijk klein en steekt maar weinig van het lichaam af. Hun ogen hebben een ronde pupil.

De zeeslangen - die bijna allemaal uitsluitend in zee leven - zwemmen uitstekend en ze begeven zich maar zelden op het land.

Lichaamsbouw

Alle zeeslangen hebben naar boven gebogen neusgaten, die zij door middel van een soort klep kunnen sluiten. Hun longen kunnen veel lucht bevatten. Van dit vermogen maken ze gebruik - van tijd tot tijd de luchttoevoer regelend - om op verschillende diepten te kunnen verblijven. Als ze namelijk hun longen volpompen, kunnen ze lange tijd blijven drijven. Wanneer ze echter naar de diepte willen, maken ze hun longen leeg door eenvoudig uit te ademen en dan kunnen ze diep duiken.

Anderzijds kunnen de zeeslangen lange tijd onder water zwemmen door de aanwezigheid van een uitgebreid net van haarfijne kanalen in het slijmvlies van het tandvlees, waardoor ze de zuurstof die in het wtaer opgelost is, kunnen opnemen.

Gebit

Hun gebit bestaat uit giftanden met een gifkanaal in de bovenkaak, waarin andere tanden van dezelfde bouw voorkomen. Die staan echter nit in verbinding met de gifklieren. Bovendien hebben ze een rij gewone, stevige tanden in de onderkaak.

Leefgebied

De zeeslangen, die alle levende jongen ter wereld brengen, leven in de Indische Oceaan, van de Perzische Golf tot de zeeën van Midden-Amerika.

verspreidingsgebied van de Laticauda colubrina

Het bekendste en meest verspreide geslacht van de familie is het geslacht Laticauda, met de soort Laticauda colubrina. Deze onderscheidt zic hdoor een bijna cilindervormig lichaam, dat uitloopt in de karakteristieke afgeplatte staart. Daaraan heeft deze slang zijn soortnaam, die betekent 'zeeslang met de grote staart' te danken. De kleur van zijn huid is helder groen-blauw op de rug en geel op de buik, met een rij donkere ringvormige strepen om het lichaam. Ze worden aangetroffen van de Golf van Bengalen tot in Polynesië. Talrijke exemplaren van deze soort verblijven bijna altijd in de zee in de buurt van de koraalmassa's bij de kusten en om de eilanden.
© 2007 - 2008 Hikari, gepubliceerd in Reptielen (Dier en Natuur) op 11-07-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Hikari is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Reptielen: Zeeslangen"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.