Leefgemeenschappen in de dierenwereld
De omstandigheden die een bepaald milieu vormen zijn constant aan verandering onderhevig. Sterker nog: elke verandering veroorzaakt een verschuiving in de ecologie van het gebied. Soms is die verandering subtiel, soms duidelijk waarneembaar. Als de herbivoren door droogte te weinig voedsel vinden sterft menig zwak dier de hongerdood. Dat heeft weer tot gevolg dat er ook voor de carnivoren minder voedsel beschikbaar is, waardoor bepaalde groepen kleiner worden.Relatie tussen prooidier en roofdier
Het aantal dieren dat leeft in een bepaald gebied stijgt en daalt regelmatig. Soms liggen er maanden of jaren tussen twee perioden waarin het aantal een hoogtepunt bereikt. In het algemeen geldt: hoe kleiner het dier en hoe sneller het zich vermenigvuldigt, hoe dichter deze toppen bij elkaar liggen. De relatie tussen prooidier en roofdier is een dynamische factor in de ecologie. Voorbeelden hiervan zijn er te over. Elke pelsjager die in het noorden van Canada op bevers heeft gejaagd kan bevestigen dat twee andere dieren die in de aan meren zo rijke wouden de strijd om het bestaan voeren de snelle haas en de nog snellere lynx zijn (zie afbeelding inleiding). Als er in de bossen veel hazen zijn kun je rekenen op een bevolkingsexplosie bij de lynxen. Als het aantal hazen om wat voor reden dan ook daalt, is er niet genoeg voedsel voor de lynxen en zal een groot aantal van hen de hongerdood sterven. Op hun beurt krijgen de hazen daardoor weer de kans zich te vermenigvuldigen en dus stijgt hun aantal weer. Naarmate er meer voedsel voor hen komt, beginnen ook de lynxen weer in aantal toe te nemen. Deze bevolkingscyclus herhaalt zich elke negen à tien jaar.Voorbeeld biologische leefgemeenschap
Dikwijls leven bepaalde planten- en diersoorten samen in een biologische leefgemeenschap. In een vijver zal men planten aantreffen die onder water groeien; andere (kroos bv.) drijven aan de oppervlakte; langs de oever groeit riet. Elke plant bezet de plaats waar hij het beste groeit, zich ontwikkelt en vermeerdert. Hetzelfde geldt voor de dieren van deze vijvergemeenschap. Sommige wroeten in de modder, andere drijven in of glijden over het water, weer andere kruipen in de planten en een deel zwemt in het water. Overal waar vijvers zijn zal men een gelijksoortige, zij het niet altijd identieke, leefgemeenschap aantreffen. Een normale leefgemeenschap is rijk aan plantaardig voedsel.Verhouding herbivoren en carnivoren in dezelfde leefgemeenschap
Op het land omvat het voedsel bladeren, gras, bloemen, vruchten, boomschors en zelfs hout. Vijvers en meren bevatten een overvloed aan algen. Planten leveren meestal het voedsel voor kleine dieren, hoewel er enkele opvallende uitzonderingen op deze regel bestaan: olifanten, waterbuffels (zie afbeelding rechts), giraffen, neushoorns en nijlpaarden. Deze herbivoren of planteneters behoren tot de grootste op het land levende dieren. Onnodig om te zeggen dat er in elke normale leefgemeenschap meer planten zijn dan herbivoren. Sterker nog, in dezelfde leefgemeenschap bevinden zich meer herbivoren dan carnivoren of vleeseters.Verhouding voedselinname en toename lichaamsgewicht
In elke leefgemeenschap in het dierenrijk vindt men een soort piramide van aantallen en van lichaamsgewichten. Natuurwetenschappers schatten dat er tien pond voedsel nodig is om het lichaamsgewicht van het dier dat dit voedsel eet met één pond te laten toenemen. Ongeveer 500 kilo zeeplanten zijn nodig om 50 kilo schaaldieren te krijgen die deze planten eten. Wil een makreel een pond aankomen, dan moet hij tien pond schaaldieren naar binnen werken. Een tonijn die zich voedt met makreel moet een maaltje van tien pond verorberen om een pond aan zijn gewicht toe te voegen. Als de mens een pond tonijn zou opeten, zou hij eveneens daarvan slechts een tiende deel (50 gr.) in gewicht toenemen.Banden tussen leefgemeenschappen
Hoe belangrijk ook, toch is voedsel slechts één van de vele banden die een leefgemeenschap met elkaaar verbinden. AndereDit artikel is onderdeel van de negendelige special De biodiversiteit in de grote ecosystemen.
© 2011 - 2012 Staal, gepubliceerd in Natuur (Dier en Natuur) op .
Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Het gedrag van dieren: het voedselprobleem Voor veel zoogdieren levert de voeding weinig problemen op. Grazende dieren, v…
Hominide eigenschap: afkijken van dieren De ontwikkeling van de hominide van toevallige prooivanger tot een werkelijk eff…
De kenmerken van zoogdieren De groep in het dierenrijk waar de mens de meeste affiniteit mee heeft, is die van de zoogdie…
De flora en fauna van de grote grasvlakten Op het zuidelijk halfrond wordt bijna de helft van al het land door gras bedek…
Gerelateerde artikelen
Biologie Uitgelegd - Successie Successie betekend letterlijk het opvolgen van iets. In de biologie wordt deze term gebrui…Het gedrag van dieren: het voedselprobleem Voor veel zoogdieren levert de voeding weinig problemen op. Grazende dieren, v…
Hominide eigenschap: afkijken van dieren De ontwikkeling van de hominide van toevallige prooivanger tot een werkelijk eff…
De kenmerken van zoogdieren De groep in het dierenrijk waar de mens de meeste affiniteit mee heeft, is die van de zoogdie…
De flora en fauna van de grote grasvlakten Op het zuidelijk halfrond wordt bijna de helft van al het land door gras bedek…
Bronnen en referenties
- De Dierenwereld - Winston S. Priest (Time Life Books)
- De Natuur rondom ons - Tine Pollmann
- http://wildlife.startpagina.nl
- www.bbc.co.uk/nature/wildlife