Dieren en Paard

Zebra; een paard met tijgervel

Zebra; een paard met tijgervel

De zebra is een schitterend dier dat veel weg heeft van het alombekende paard. Niet vreemd overigens, daar zij tot dezelfde familie behoren. Dit artikel gaat uitsluitend over de zebra, hoe deze in kudden leeft, hoe de zebra te temmen is, welke soorten zebra's er zijn en meer.


Het paard met een tijgervel

Tot de orde van de evenhoevigen, de familie van de paardachtigen en het geslacht Equus behoren, behalve het paard, ook de zebra's en de ezels. Door hun zeer fraaie en eigenaardige vacht hebben de zebra's altijd bewondering gewekt. De zebra's vertonen veel gelijkenis met de ezels en de paarden, maar ze onderscheiden zich er duidelijk van door de karakteristieke kleur van de vacht. Over de grondkleur, die uiteen kan lopen van roze tot bijna wit of geelwit-bruin, lopen zwarte strepen. Deze strepen kunnen van soort tot soort en zelfs per dier verschillen.

De naam zebra komt van een Kongolees woord, dat betrekking schijnt te hebben op de strepen van de vacht. In de Oudheid werd de zebra hippotigris (= tijgerpaard) genoemd. De Romeinse keizer Caracalla liet in 211 na Christus een zebra naar Rome brengen. Dit was waarschijnlijk de eerste zebra die naar Europa kwam. De keizer doodde hem eigenhandig in het circus. De eerste nauwkeurige gegevens over deze schitterende dieren danken we aan de Portugezen, die kolonies stichtten in Oost-Afrika.

Zebra's hebben een meestal zwarte kop, een korte, gespierde hals, een borstkas met platte ribben, een grote buik en niet te lange poten. Hun staart is gelijk aan die van de ezel, met aan het uiteinde een lange kwast. De manen zijn kort en bestaan uit rechtopstaande haren.

De kleuren van de vacht lopen door in de manendos. Over het geheel genomen zijn het dieren met sierlijke vormen, die levendig en uitbundig van aard zijn. Zebra's komen alleen maar voor in oostelijk en zuidelijk Afrika. Ze hebben een voorkeur voor open terrein waar ze vrijelijk kunnen galopperen, op zoek naar groene weiden en fris water om hun dorst te lessen. Ze weigeren hardnekkig het onbetrouwbare oerwoud te betreden.

Het leven van de zebrakudden

Zebra's zijn kuddedieren of hebben in ieder geval de neiging zich in groepen te verenigen. Men vindt ze meetsal in kudden van zeven of acht stuks, maar soms ook wel met meer. In zeer uitzonderlijke gevallen kan men ook zebra-kudden aantreffen van enkele honderden dieren. De kudden staan altijd onderleiding van een volwassen hengst. Ze zijn voortdurend in beweging en alleen op de heetste uren van de dag rusten ze uit in de schaduw van de acacia's, die her en der verspreid staan in de onmetelijke Afrikaanse vlakten.

In de zeer vroege ochtend of tegen zonsondergang begeven de kudden zich naar de drinkplaats. Dit is het gevaarlijkste moment van de dag voor deze zachtaardige dieren. De zintuigen (het gehoor, de reuk en het gezicht) zijn tot het uiterste gespannen om de hinderlagen van de leeuw en andere roofdieren of van jagers te ontdekken. Als één of ander geluid hun verdacht voorkomt, zetten de zebra's zich in een wilde galop in beweging, waarbij ze soms snelheden kunnen bereiken van zo'n 60 kilometer per uur.

Maar ook wanneer de grote katachtige roofdieren erin slagen de zebra in te halen, is één beet of een klauwslag niet voldoende om een zebra te vellen. De zebra zorgt er wel voor dat de achtervolger van zijn aanval afziet, door te bijten of trappen uit te delen met zijn krachtige en gespierde achterbenen.

Het komt maar zelden voor, dat zebra's van verschillende soorten zich vermengen binnen één kudde. Het schijnt zo te zijn, dat er niet veel onderlinge sympathie bestaat tussen de familieleden. Het komt daarentegen vaker voor dat men zebrakudden in perfecte harmonie verenigd ziet met antilopen, gazellen, gnoes, struisvogels en zelfs buffels.

Zebra's kiezen de vruchtbare grasvlakten om te grazen. Maar door de buitengewone wisselvalligheid van het klimaat zijn ze enkele perioden van het jaar gedwongen zich tevreden te stellen met het schaarse voedsel dat de bodem levert. In de tijd van deze ongunstige perioden maken de zebra's dikwijls een grote trek. Ze proberen dan beter grasland te vinden, zodat ze hun normale en rustige leven kunnen hervatten, dat alleen door de vijandigheid van het klimaat kan worden onderbroken.

Het temmen van de zebra

In het verleden was men van mening, dat het onmogelijk was de zebra te temmen, vanwege zijn twistzieke en weerbarstige karakter. Het is moeilijk te zeggen, wat de redenen zijn geweest dat men daarbij nooit tot grote praktische resultaten is gekomen. De zebra heeft niet minder uitstekende eigenschappen dan de ezel en het paard. Tegenwoordig is bewezen, dat (als men maar jong genoeg met oefenen begint) het temmen van zebra's niet moeilijker is dan het temmen van veulens van paarden en ezels.

Een van de beroemdste gevallen die men vermeldde om het ontembare karakter van zebra's aan te tonen is het geval dat genoemd werd door Sparmann. Dat was een Zuidafrikaanse kolonist, die twee zebra's had en deze vertrouwd had gemaakt met de nabijheid van de mens. Hij had ze geleerd voedsel uit zijn handen te eten, waagde het op een gegeven moment de zebra's voor een kar te spannen. Enkele minuten nadat hij de teugels had gegrepen, belandden de zebra's, de kar en de voerman in één kluwen in de stal. En terwijl de man trachtte zich uit de brokstukken van het karretje te bevrijden likten de zebra's, die direct rustig geworden waren, hem liefdevol.

Fitzinger echter verhaalt over een jonge zebra, die men eraan gewend had teugels en een zadel te dragen. Toen zijn baas het waagde hem voor een wagentje te spannen, zette het dier zich in galop en sprong met kar en al in een rivier. De man wist zich vast te houden aan de hals van het dier en slaagde er zo in de kant veilig te bereiken. Daar eenmaal aangekomen, koelde het dier zijn woede op hem af en beet hem een oor af.

Veulens

Zebra's brengen, net als alle paardachtigen, slechts één jong per worp ter wereld, na een dracht van 240 - 265 dagen. Het aantal dagen van de dracht is afhankelijk van de soort. Bij jonge zebra's zijn de strepen van de vacht lichtbruin van kleur. pas later nemen deze een zwarte of bruinzwarte kleur aan. De gemiddelde levensduur van de zebra is dertig jaar.

In Groot Brittannië zijn (vooral door prof. J. Ewart) proeven genomen met het kruisen van zebra's en paarden. Men heeft toen kunnen vaststellen, dat de bastaards zich zonder moeite aanpasten aan de strenge en koude winters van Schotland. Maar de echte zebra's konden dit niet. De bastaards waren ook gemakkelijk te temmen. De tamme bastaards hebben de waardevolle eigenschap van de zebra's behouden, namelijk dat ze van nature bestand zijntegen infectieziekten die worden overgebracht door de tsétsé-vlieg. Daarbij moet men bedenken, dat de tsétsé-vlieg en de ziekten die deze overbrengt, het tot nu toe riskant hebben gemaakt Europese huisdieren in tropisch Afrika in te voeren.
De bastaards waarvan de vader een paard is, worden zebrinen genoemd en die waarvan de vader een zebra is, heten zebrulen.

De soorten zebra

De indeling van de zebra's levert niet veel moeilijkheden op, omdat er tegenwoordig nog maar weinig levende soorten over zijn. Het is interessant op te merken, dat terwijl zekere zebra-soorten zijn uitgestorven, zoals de quagga (of tot slechts enkele exemplaren zijn teruggebracht, zoals de bergzebra) weer andere soorten zebra's die beschermd in reservaten leven aan de voet va nde Kilimanjaro, bijzonder talrijk zijn. Zó talrijk zelfs, dat men de bedoeling heeft het aantal leeuwen in het reservaat te vergroten om het aantal zebra's te verminderen en het natuurlijk evenwicht te herstellen.

Sommigen brengen de zebra's onder in twee hoofdgroepen: de ezelzebra of dolichohippe zebra en de paardzebra of hippotigris, naargelang de dieren meer punten van gelijkenis hebben met de ezel of met het paard. De ezelzebra's hebben vrij lange oren, een zwarte kop en een dikke hals. Hun temperament is rustig en ze balken precies zoals de ezel doet.
De paardzebra's hebben daarentegen kortere oren en een lichtere kop dan de ezelzebra's. Hun hals is dun en lang. Ze hebben een levendig temperament en hinniken ongeveer zoals de paarden. Hun houding en wijze van bewegen is ook eleganter dan die van de ezelzebra's.

Tot de groep van de paardzebra's behoren enkele soorten:
  • Grant
  • Chapman
  • Burchell
  • Quagga (waarvan de grondkleur van de vacht vrij donker is. De Quagga heeft ook strepen, welke roze, zwart en bruin van kleur zijn).

tot de groep ezelzebra's behoren:
  • Grévy-zebra (Lat.: Equus grevyi)
  • Bergzebra
De Grévyzebra, welke ook wel koningszebra genoemd wordt, leeft in Ethiopië, Somalië en in Noord-Kenia.

Grévy-zebra

De Grévyzebra is zonder twijfel de mooiste zebra die er bestaat. Hij is meer dan 1.50 meter hoog, de vacht is roze en bevat talrijke zwarte strepen die doorlopen tot aan de hoeven. Deze strepen komen niet of nauwelijks voor op de buik en op het kruis. De snuit is geheel zwart. Het dier eet liever bladeren en knoppen van bomen en struiken dan gras en hij stelt zich tevreden met maar weinig water.

In 1882 stuurde de Negus (keizer) van Ethiopië twee zebra's van deze soort als geschenk naar de toenmalige president van Frankrijk Jules Grévy. Het waren e eerste zebra's die voet aan land zetten in Frankrijk. Ter ere van de Franse persident werd deze soort Equus grevyi genoemd.

Bergzebra

Een ander soort die tot de groep van de ezelzebra's behoort is de bergzebra (Equus zebra), die leeft in de berggebieden van zuidelijk en zuidoostelijk Afrika. Hij is kleiner dan de Grévy, want bij de schouders meet hij nauwelijks 1.25 meter. De grondkleur van de vacht is dezelfde als die van de Grévy-zebra, maar de strepen zijn breder, zowel aan de hals als op de dijen. Ook bij de bergzebra lopen de strepen tot de hoeven door, maar ze komen daarentegen niet voor op de buik en aan de binnenkant van de dijen. Boven de staartinplant vormen de strepen een karakteristieke trapfiguur. Ook bij deze soort is de snuit zwart.

Ondanks het feit dat zijn verblijfplaats bijna ontoegankelijk is en dat hij zeer beweeglijk en bijzonder voorzichtig is, vermindert het aantal bergzebra's zienderogen snel. Het schijnt zelfs, dat de soort aan het uitsterven is. Dit is te wijten aan de jacht die de inheemse bevolking op het dier maakte. Zijn smakelijke vlees en zijn fraaie huid waren veel waard op de Afrikaanse markten. In 1951 waren er nog maar enkele exemplaren over in het Mountain Zebra National Park in de Unie van Zuid Afrika, nadat drastische maatregelen waren genomen om uitsterven van de soort te voorkomen.

Grant-zebra

De Grant-zebra (Equus granti) maakt eveneens deel uit van de groep van paardzebra's. Zijn vacht heeft een grijswitte of geelachtige grondkleur, met brede, zwarte strepen. De dieren die tot deze soort behoren, zijn bij de schouders 1.30 meter hoog (schofthoogte) en niet meer dan twee meter lang. Ze leven in Oost-Afrika tot aan het uiterste zuiden van Somalië.

Chapman-zebra

De Chapmanzebra (Equus chapmani) wordt door sommige deskundigen beschouwd als een ondersoort van de Burchell-zebra. De grondkleur van de vacht is donkderder dan die van de Grant en wel geelbruin. Tussen de brede strepen zitten ook smallere strepen, die donkerbruin van kleur zijn. De strepen lopen zelden door tot de hoeven, maar ze beslaan wel het bovenste deel van de poten. De soort komt vooral voor in de uitgestrekte steppen van Zuid-Rhodesië.

Burchell-zebra

Bij de Burchell-zebra (Equus burchelli) is de grondkleur van de vacht geelwit. De zwarte strepen worden afgewisseld met bruinachtige strepen en worden naar de achterhelft van het lichaam toe steeds lichter van kleur, totdat ze zich met de grondkleur vermengen. Deze soort is bijna geheel uitgestorven door de meedogenloze jacht waaraan het dier onderworpen is geweest. Vroeger waren de noordleijke streken van de Kaapkolonie de gebieden waar men de Burchell kon aantrefen. Tegenwoordig komen ze niet meer voor in het wild.

Quagga

Een andere soort zebra met een bruine tot geelwitte vacht, maar waarbij de strepen zich slechts bevinden op de kop, de hals en op het voorste deel van de romp, was de quagga (Equus quagga). Zijn naam zou afgeleid zijn van de nabootsing van zijn stemgeluid in de Hottentottentaal. De poten en de staart van dit dier waren zeer licht van kleur en bij sommige exemplaren zelfs helemaal wit. Eens leefden er talrijke quagga-kudden in de Kaap-Kolonie.

Hun uiterlijk en de houding waren zo elegant, dat men ze met paarden had kunnen verwarren als ze geen strepen hadden gehad. Tegenwoordig is deze soort helemaal uitgestorven. Het schijnt, dat de laatste exemplaren rond 1864 zijn gevangen. Deze zebrasoort werd uitgeroeid door de blanke kolonisten, voornamelijk omdat hun vlees als voedsel diende voor de inlandse arbeiders. De laatste quagga stierf in de dierentuin van Berlijn in 1875.
Een ander soort die tot de groep van de ezelzebra's be
© 2008 - 2009 Hikari, gepubliceerd in Dieren (Dier en Natuur) op 19-05-2008, laatst gewijzigd op 19-05-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Hikari is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Zebra; een paard met tijgervel"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.